De begrafenis

Daar stond ik dan weer, inmiddels de zoveelste keer.
Netjes gekleed, eerst naar de kapel en daarna nog even kijken naar de foto’s.

Het was de man die we zometeen gingen begraven. Veel te vroeg gestorven aan een kankerziekte.

Een man die ik op mijn 17e leerde kennen, voornamelijk omdat zijn twee dochters twee schoolmaatjes van me waren en later zeer dierbare vriendinnen.

Een man die mij regelmatig vanaf hun huis naar mijn huis toe bracht met de auto en waar hele gesprekken plaats vonden, over zijn leven, zijn werk, zijn wilskracht, of gewoon over zijn gezin waar hij veel om gaf.

Ik herinner mij het gezinnetje als een plek waar de deur altijd open stond voor mij.
Niet alleen in goede tijden maar ook in slechte tijden kon je daar even je hart luchten en een knuffel krijgen.

Als je rond etenstijd nog in huis was, dan zei hij:
Waar er 5 eten kunnen er ook 6 eten en voordat je “ja maar” kon zeggen stond het bord met eten stond al voor je neus.

Toen ze later naar heel ver verhuisde zei hij:
Jij blijft altijd welkom hoor, dan blijf je gewoon slapen.

Dat hebben we de afgelopen jaren ook vele malen gedaan.
In hun huisje werd je ontvangen als een familielid en werd je altijd uitgezwaaid alsof je een lid van de familie was.

Ondanks dat ik later met een andere vriendin over de vloer kwam bleef de deur open voor ons. Zelfs mijn vriendin was gek op hem, ze keken dan samen voetbal en genoten van elkaars gezeldschap.

Afgelopen donderdag hebben wij hem moeten begraven.
Ik bleef bij zijn vrouw, die had het er verschrikkelijk moeilijk mee.
Ze stond te trillen op haar benen en ik was een beetje bang dat ze in het graf zou springen omdat ze hem niet los wilde laten.

Gelukkig werd ze na de dienst weer sterk en zijn we naar haar huis terug gegaan.
Een van de dames greep me beet en zei tegen mij “het zal nooit meer zo zijn als voorheen”.

ik kon alleen zeggen “inderdaad, het zal nooit meer zijn zoals voorheen”.

Dit bericht is geplaatst in Offline leven. Bookmark de permalink.

Leave a Reply